Door: Jeannet, HorSense locatie Oost (Diepenheim)

Waar ik de laatste keer op Facebook al eens wat liet horen over wetenschappelijk onderzoek naar de effecten van therapie en coaching met paarden, wil ik daar nu wat dieper op ingaan. Ik ga een verschil laten zien wat je doet vanuit therapie en wat je doet vanuit coaching/begeleiding met het paard.

10547812_282860391893163_4087706154001170395_oBij het therapeutische paardrijden – Equitherapie – gaat het erom het paardrijden, het contact en bewegen met het paard doelmatig te gebruiken, om zo therapeutische effecten te bereiken. Dit op lichamelijk maar ook op psychisch vlak. Equitherapie houdt in dat het paard met zijn specifieke sociale leer- en bewegingsmogelijkheden meewerkt als “co-therapeut” om mensen (kinderen en volwassenen) met psychische en/of lichamelijke problemen systematisch te helpen of ze in hun ontwikkeling te bevorderen.

De therapeut moet in staat zijn zinvolle, op de cliënt en zijn behoeften en wensen afgestemde, doelstellingen, met behulp van het paard te kunnen verwezenlijken en te documenteren. Daarbij komt dat een Equitherapeut uitstekende psychomotorische kennis moet hebben van paard en mens en zijn therapiepaard zelf moet kunnen opleiden en gezond houden. Een hippisch diploma is daarom ook stipt noodzakelijk. In de therapie werk je met een behandelplan waarin het probleem, de doelstelling en acties beschreven worden. Daarnaast wordt nauwlettend gerapporteerd hoe de voortgang is. Veel therapeuten die therapie met paarden aanbieden, zijn van oorsprong therapeut in een bepaald vakgebied. Bijvoorbeeld een orthopedagoog, psychotherapeut, gedragstherapeut, etc. Daarnaast gebruiken zij het paard als hulpmiddel. De opleiding Equitherapie leidt mensen op als therapeut met als basis activiteit het voltigeren en therapeutisch rijden op het paard. Het paard als zodanig is een onmisbaar element in deze vorm van therapie. Hij wordt ten volle ingezet om kinderen en volwassenen met zijn hele lijf letterlijk te ondersteunen.

Schermafbeelding 2015-09-21 om 19.23.43

Sjors en Sjimmy – Co-coaches van Jeannet

Bij het coachen/ begeleiden van mensen met inzet van paarden gaat het erom dat de coachee zich bewust wordt van zijn/haar eigen gedrag en inzichten krijgt. Coachen is een proces dat mensen voorwaarts helpt doordat zij worden begeleid in:

  • Het onderzoeken van hun huidige situatie;
  • Het onderzoeken van nieuwe mogelijkheden;
  • Het stellen van doelen;
  • Het nemen van acties om deze doelen te bereiken;
  • Het wegnemen van weerstand.

In het werken met ‘Paard als Spiegel’ vervult het paard de rol van co-coach. Belangrijk hierbij is dat het paard in zijn natuurlijke houding aanwezig is. Werken met het paard betekent in deze methodiek dat er geen direct gedrag van het paard wordt verwacht. Paard is en blijft paard. Het paard laat zich zien in de interactie met de situatie/casus die op dat moment aan de orde is. Hierbij zijn de natuurlijk aanwezige sensoren, waarover het paard beschikt, de instrumenten die optimaal kunnen worden benut. De feedback, die het paard aan de mensen om hem heen geeft, is datgene wat er op dat moment is.

Belangrijk bij Paard als Spiegel is dat het paard in zijn natuurlijke houding aanwezig is.

In de coaching registreer je voor jezelf werkaantekeningen. Je werkt minder vanuit een strak opgezet plan. Immers het is de coachee die de weg wijst in zijn/haar eigen ontwikkeltraject. Wel vraag je de coachee mee te helpen aan de bewustwording door hem/haar reflectieverslagen te laten schrijven. De oefeningen die je met het paard en de coachee doet, zijn geen vooropgestelde oefeningen. Ze ontstaan in het moment en daar waar nodig. Dat is waar we bij HorSense, zowel in de opleidingen als in (team)coaching, ook veel aandacht aan besteden. Het paard is als zodanig niet rechtstreeks nodig. Het paard mag ook op afstand staan of ogenschijnlijk niet meedoen. Evenals de coach. Zoals Ruud Knaapen in zijn boek “Coachen met paarden” het zo mooi zegt;

“De echte kracht van dit werk en de toegevoegde waarde wordt pas duidelijk wanneer de begeleider werkelijk in staat is om teruggetrokken, maar innerlijk volledig aanwezig te zijn bij wat zich afspeelt in de bak en wanneer hij zichzelf toestaat niets meer te willen oplossen. Daar, aan de rand van het niet-helpen, ontstaat de meest waardevolle interventies en oplossingen. Ze gaan namelijk voorbij aan wat de begeleider persoonlijk weet”.

En zo is het maar net!

 

Sjors en Sjimmy - co-coaches van Jeannet